Dat Valerie De Booser iets met mode heeft, is een understatement. Ze groeide op tussen de kledingrekken in de winkels van haar ouders, deed modellenwerk, stileerde vele VTM-gezichten en opende in 2008 haar eigen zaak, Histoires de Femmes. Een kleine twee jaar geleden besloot ze er een webshop aan te koppelen.

Waarom eigenlijk?
“Eerst en vooral omdat mijn klanten ernaar vroegen, vooral zij die niet in de onmiddellijke omgeving woonden. Soms contacteerden ze me nadien met de vraag om toch nog dat ene kleedje aan de kant te houden en op te sturen. De webshop maakt het voor iedereen eenvoudiger. Klanten kunnen makkelijker de collecties en nieuwigheden volgen, wij kunnen de aanvragen makkelijker verwerken. Een webshop past ook prima bij deze tijd. Ik vind dat je zelfs als kleine handelaar mee moet vernieuwen.”

 

Ik heb eerst goed gekeken hoe andere webshop het aanpakten. Zo heb ik veel beginnersfouten kunnen vermijden

 

En brengt die vernieuwing ook geld en extra klanten mee?
“Laten we zeggen dat het zachtjes groeit. Ik ben alleszins blij dat ik met e-commerce begonnen ben, want het zorgt voor extra beweging in de winkel. Er zijn verschillende klanten die de winkel in Mechelen zijn komen ontdekken na een bezoek aan de webshop.”

Wat zijn voor jou de voordelen?
“Voor de klanten is een webshop snel en makkelijk. Je levert extra service en dat appreciëren ze. Ik zie mijn webwinkel vooral als een visitekaartje. Ik merk aan de reacties dat het mijn fysieke winkel vooruit helpt. Toch denk ik niet dat een webshop voor elke winkelier een must is. Veel hangt af van je product en je doelpubliek. Bovendien hangt er een aardig prijskaartje aan vast: de opmaak van de site, de integratie van de betaalmodule, de fotografie van de spullen. Dat zijn allemaal happen uit het budget. Plus, je moet je aankoopbeleid erop afstemmen, je logistiek anders organiseren en eventueel zelfs personeel aanwerven. Ik heb bijvoorbeeld een extra kracht in dienst genomen om de bestellingen op te volgen en de pakjes te maken. Denk over al die investeringen goed na voor je de stap zet. Ikzelf heb eerst goed gekeken hoe andere webshops het aanpakten. Wat doen ze bijvoorbeeld met retours? Welke labels gebruiken ze? Zo heb ik veel beginnersfouten kunnen vermijden.”

 

fd_ECom_img-1

©Ian Hermans

 

Op de webshop zet ik alleen stukken waarvan ik denk dat ze goed zullen verkopen

 

Hou je statistieken bij? En pas je je aanbod eraan aan?
“Op mijn smartphone krijg ik telkens een melding als er een bestelling binnenloopt. Op die manier kan ik de pieken en de dalen nauwkeurig volgen. Bij de solden, de feestdagen en in het begin van het seizoen is het altijd drukker in de webshop. Dat loopt min of meer gelijk met de fysieke winkel. Sowieso verkopen we in de webshop niet alles. Daarvoor is het aanbod van Histoires de Femmes te ruim. Ik selecteer die stukken waarvan ik denk dat ze goed zullen verkopen. Handtassen en schoenen bijvoorbeeld gaan makkelijker dan gewone kleren, omdat je ze niet per se moet passen voor je ze koopt.”

Investeer je in online advertenties?
“Op dit moment niet. Ik geloof nogal in mond-aan-mondreclame. De ene vriendin die aan de andere enthousiast vertelt over haar nieuw jasje uit mijn webshop, er bestaat geen betere marketing. Het is ook de feedback die we van onze klanten krijgen. We hebben een tijdje een korte enquête aan onze pakketten toegevoegd, om zo te achterhalen op welke manier de klanten ons vinden. Blijkbaar leren ze de winkel vooral via via kennen. Vrienden die tevreden waren over ons aanbod en onze service hadden hen naar ons doorverwezen.”

 

fd_ECom_img-2

©Ian Hermans

 

Er komt een generatie aan die het gewoon is om online naar het perfecte stuk te speuren

 

Op Instagram zien we regelmatig foto’s van je passeren. Hoe belangrijk zijn sociale media? “Instagram gebruik ik om de look van de winkel te tonen. Ik zal in mijn commentaar zeker niet pushen om te kopen of constant naar de webshop verwijzen. Ik denk dat dat eerder contraproductief werkt. Een tijd lang hield ik op mijn website ook een blog bij, maar die staat momenteel op een lager pitje. Om te schrijven moet je aardig wat tijd uittrekken, Instagram is in die zin makkelijker. Ik ben ooit met sociale media begonnen om in te kunnen pikken op de vele vragen die vrouwen en jongeren mij stellen. ‘Welke dagcrème gebruik ik best?’ of ‘Valerie, je ogen zien er altijd zo fantastisch uit. Hoe doe je dat?’ Zo is dat gegroeid. Ik luister naar de mensen die mij volgen, en speel erop in.”

In deze tijden een zelfstandige kledingzaak runnen ligt niet voor de hand. De concurrentie van de grote ketens is moordend. Hoe maak je met Histoires de Femmes het verschil?
“Van bij het begin ben ik mij ervan bewust dat het een groot risico is. Je weet niet hoe het zal lopen, je weet niet of er volk zal komen. De eerste vier jaren heb ik ontzettend hard gewerkt, zelfs een beetje ten koste van mezelf. Ik wou mijn winkel geen moment alleen laten. Nu ik alles meer in de vingers heb, gaat het vlotter. Ik sta erop de aankoop volledig zelf te doen. Alles wat in de winkel hangt, heb ik zelf gekozen en gepast. Ik ga naar défilés in Parijs en naar showrooms overal in het land om de spullen te selecteren. Omdat ik meer dan twintig merken – ook onbekende – verkoop, is dat een zware opdracht. Om aan te voelen wat mijn klanten willen, vind ik het belangrijk zelf veel in de winkel te helpen. Als ik spullen aankoop, heb ik soms al bepaalde klanten in gedachten. Het contact met de klanten en de styling is trouwens nog altijd wat ik het liefst doe. Ik sta erop eerlijk advies te geven en verwacht dat ook van mijn medewerkers. Liever even verder zoeken naar de juiste combinatie, dan een klant met een foute outfit naar huis sturen. Dan riskeer je dat hij nooit meer terugkomt.”

Denk je dat de webshop ooit belangrijker zal zijn dan de fysieke winkel?
“Toch zeker niet op korte termijn. Dat de webshop verder zal groeien, daar ben ik zeker van. Er komt een generatie aan die het gewoon is om online naar het perfecte stuk te speuren. Jonge meisjes komen naar mijn webshop om die ene sweater te bestellen. Als ze dat nu al doen, dan zullen ze dat later als ze zelf een gezin hebben blijven doen. En wellicht veel meer nog dan vandaag. Aan ons dus om die goeie service te blijven geven.”